opruimen
Lijstjes,  Persoonlijk

5 tips voor wanneer opruimen niet je sterkste punt is (zoals bij mij!)

Opruimen, ik ben er absoluut geen kei in. Vroeger kon ik mijn slaapkamer echt al een doolhof maken waar je amper kon lopen. Het opruimen vond ik echt niet nodig. Als ik maar bij de spullen kon die ik nodig had. Dat was toch het belangrijkste?
Van mijn moeder moest ik (natuurlijk) altijd mijn kamer opruimen. Ze gaf ook altijd aan dat als ik mijn kamer nou eens zou opruimen, ik ook meer rust in mijn hoofd zou krijgen. Vond ik natuurlijk altijd onzin. Wat had dat nou met elkaar te maken?

Nu ik op mijzelf woon, weet en merk ik, dat dat ook echt zo is. Helaas pas ik dat niet altijd toe. Onze slaapkamer ligt vaak vol met mijn kleren en op tafel laat ik vaak ook nog het één en ander slingeren. Gelukkig weet ik wel hoe het moet, en in een goede bui lukt me dat ook.

Tips voor het opruimen in huis

– Als het een groot project is; ruim op per ruimte: doe niet overal in huis een beetje, maar doe in een keer een hele kamer. Als je de hele woonkamer klaar hebt, heb je ook eer van je werk. Als je alleen hebt stofgezogen en de rest nog een rommel is, zie je er amper wat van.

 

– Doe het in kleine stapjes: ruim eerst alleen de kast op (het beste is dan ook nog per plank of lade) en begin daarna pas aan de tafel (bijvoorbeeld). Zorg dat het één af is voor je aan het ander begint.
Bovenstaande klinkt tegenstrijdig maar is het niet: kleine stapjes zijn goed, maar doe niet overal in huis kleine stapjes. Zorg wel dat je de hele ruimte doet in kleine stapjes, en niet ergens in de woonkamer, ergens in de slaapkamer etc.

 

– Doe elke dag een beetje: als je elke avond een onderdeel doet, wordt het nooit te veel en kan je het goed bijhouden.

 

– Denk er altijd over na of je iets wil houden, verkopen/weggeven of weg moet. Ik betrap mezelf er vaak op dat ik dingen maar ergens neerleg omdat ik dan even niet weet wat ik er mee moet. Als je dat vaak hebt, staat binnen no time je hele huis vol.

 

– Leg dingen op een vaste plek (en zorg dus ook dat ze een plek hebben): ik ben er een ster in om alles steeds ergens anders neer te leggen en kwijt te raken. Dat gebeurt dus ook regelmatig. En wanneer ik niet zo goed weet wat ik er mee moet omdat het geen plek heeft, leg ik het maar ergens neer. Bovenop een kastje, op tafel of in de vensterbank. Dat schiet natuurlijk op. Weet waar je het neer wil leggen en weet waar je het kan vinden.

En nu nog toepassen!

Goed, dat klinkt natuurlijk allemaal leuk en makkelijk. Was het maar zo 🙂 dan zag mijn huis er altijd wel spik en span uit. Ook nog een tip voor kleding: gooi ze meteen in de was (als het nodig is), leg het in je kast als het nog schoon is of draag het de volgende dag. Ik draag vaak iets 1 dag en dan een paar dagen later pas weer hetzelfde. In de tussentijd ligt er dus ergens in de hoek. Eigenlijk moet het of in de was/kast, of meteen de volgende dag weer aan. Is het weer klaar.

Ik vrees dat mijn vriend vind dat ik deze tips snel zelf moet toepassen als ik het allemaal zo goed weet. Tijd dus om er zelf ook aan te geloven!

Hebben jullie nog goede opruimtips?

Heb je vragen of opmerkingen? Laat het dan weten via een reactie!